De meeste mensen zagen een Ferrari.

Ik bleef kijken naar wie erin zat.

Afgelopen zondag reed ik samen met mijn zoon naar zijn internaat in Brugge.

Ter hoogte van de E34 verscheen plots een rode Ferrari in mijn achteruitkijkspiegel. Niet zomaar een Ferrari, maar zo'n model dat laag tegen de weg lijkt te kleven. Breed, opvallend en onmogelijk om niet op te merken. Ik liet hem voorbijsteken en keek, zoals waarschijnlijk de meeste mensen zouden doen, eerst naar de wagen. Pas daarna keek ik naar wie erin zat.

Tot mijn verrassing zag ik geen jonge ondernemer, geen influencer en geen iemand die zichtbaar indruk probeerde te maken. Ik zag een ouder koppel dat zichtbaar genoot van een mooie zondagavond. Het was een klein moment dat waarschijnlijk even snel weer had kunnen verdwijnen als het was verschenen. Toch bleef het hangen. Niet vanwege de Ferrari, maar vanwege het verschil tussen wat ik verwachtte te zien en wat ik uiteindelijk zag.

Soms zit het verhaal niet in wat opvalt.

Maar in wat daarna zichtbaar wordt.

Een paar dagen later kreeg ik via LinkedIn een bericht van iemand die werkt rond persoonlijk leiderschap. Ze vroeg hoe ik kijk naar zichtbaarheid en leiderschap. Terwijl ik mijn antwoord schreef, moest ik onverwacht terugdenken aan die Ferrari. Niet vanwege de wagen zelf, maar vanwege dezelfde beweging die ik daarin had opgemerkt. Eerst zie je iets dat alle aandacht naar zich toe trekt. Daarna ontdek je dat het eigenlijke verhaal zich ergens anders bevindt.

Dat verschil fascineert me al langer. Veel gesprekken over leiderschap beginnen bij de leider. Veel gesprekken over organisaties beginnen bij personen. Wanneer ik organisaties binnenstap, merk ik echter dat mijn aandacht vaak automatisch naar een andere laag verschuift.

Ik kijk naar wat doorstroomt en wat blijft hangen. Ik kijk naar welke signalen een organisatie nog kan ontvangen en welke onderweg verloren gaan. Ik kijk naar wat medewerkers zien maar niet benoemen, naar patronen die zich blijven herhalen en naar de manieren waarop systemen zichzelf corrigeren of juist niet meer corrigeren.

Wat trekt hier eigenlijk onze aandacht?

Misschien is dat ook waarom ik soms het gevoel heb dat iemand mij vraagt naar de kleur van de verf, terwijl mijn aandacht automatisch naar de fundering van het huis gaat.

Niet omdat de verf onbelangrijk zou zijn, maar omdat de interessantste verhalen zich vaak onder het zichtbare oppervlak bevinden. Een organisatie kan beschikken over sterke leiders, een heldere visie en een professionele uitstraling, maar toch moeite hebben om de werkelijkheid nog binnen te laten. Omgekeerd zie ik soms organisaties waar niemand zich nadrukkelijk profileert, maar waar mensen wel in staat zijn om signalen op te vangen, bij te sturen en samen te leren.

De werkelijkheid verschijnt zelden als eerste.

Meestal moeten we eerst voorbij de Ferrari kijken.

De vraag die mij vandaag het meest bezighoudt is daarom zelden hoe iemand zichtbaarder kan worden. Veel vaker vraag ik me af wat zichtbaar moet worden zodat een organisatie beter kan functioneren. Misschien is dat uiteindelijk de rode draad in alles wat ik doe.

Niet kijken naar wat onmiddellijk opvalt, maar nieuwsgierig blijven naar wat zich daarachter bevindt.

Dat gold voor een rode Ferrari op de E34. Het geldt net zo goed voor organisaties.

Misschien herken je de beweging.

Niet kijken naar wat het meeste aandacht krijgt, maar naar wat het verhaal werkelijk vertelt.

Dat is ook hoe ik naar organisaties kijk.

Voor organisaties die hun vraagstukken liever onderzoeken dan overschilderen, ontstaat vanaf september opnieuw ruimte voor een beperkt aantal AX SEA-trajecten.

Volgende
Volgende

Aanwezig zijn is een metier