THE KEY BEHIND THE NOISE

Ik kwam voor de ervaring.

Ik zag pas later wààr de opleiding begon.

Punt Coma — Case 02

Ik wilde alleen weten waarom Fientje er zo vol van was

Ik ging niet naar Fientje omdat ik een opleiding zocht. Ik wilde weten waarom ze ineens zo vol was van het Compulsive Collection Body Moment System, CCBMS. Iedere keer wanneer we elkaar spraken, kwam het wel ergens ter sprake: drukpunten op het lichaam, waarnemen zonder onmiddellijk te verklaren en mensen die volgens haar na een sessie anders naar buiten gingen dan ze waren binnengekomen.

Alleen die naam was voor mij al voldoende om eerst eens te willen kijken waar ze precies mee bezig was.

Volgens CCBMS registreert het lichaam voortdurend informatie die het bewuste denken niet altijd bereikt. Tijdens een Body Moment-sessie ligt iemand gekleed op een massagetafel terwijl op vaste punten van het lichaam lichte druk wordt uitgeoefend. Niet om onmiddellijk iets te verklaren of op te lossen, maar om waar te nemen wat er verandert: ademhaling, spanning, warmte, beweging, weerstand. Fientje vond vooral dat laatste belangrijk. Niet te snel betekenis geven aan wat je voelde.

Daar kon ik nog inkomen.

Bij andere stukken van haar uitleg haakte ik sneller af. Energie, ontvangen, blokkades, mogelijkheden en overtuigingen die volgens CCBMS in het lichaam konden blijven doorwerken. Fientje wist dat ik daar kritischer naar keek en probeerde mij niet te overtuigen.

“Kom het gewoon eens doen.”

Uiteindelijk deed ik dat.

De Body Moment Foundation duurde drie dagen, telkens een halve dag. Driehonderd euro. We zouden de basispunten leren, op elkaar oefenen, opdrachten meekrijgen voor thuis en na afloop een certificaat ontvangen.

De eerste ochtend stonden acht stoelen in een kring. Op iedere stoel lagen een cursusmap, een schrift en een kaartje met het goudkleurige CCBMS-logo. Tegen de muur hingen Fientjes eigen certificaten: Body Moment Foundation, Body Moment Practitioner, Advanced Collection Practitioner. Daarnaast hing nog een titel die ik niet helemaal kon plaatsen. Tussen twee kaders een medaille en daarnaast een groepsfoto waarop Fientje stond met een vrouw die ik niet kende.

Fientje schonk koffie in, keek tevreden de kring rond en zei dat dit een bijzondere groep was.

Iemand lachte en vroeg of ze dat tegen iedere groep zei.

Fientje lachte mee. Iedere groep was bijzonder, zei ze, maar nooit op dezelfde manier. Wie op een bepaald moment samenkwam, bracht volgens Body Moment precies mee waarmee die groep kon werken. We hoefden daar niet te veel over na te denken. Dat was nu net de bedoeling.

We begonnen per twee. Tegenover elkaar staan, niets zeggen en alleen registreren wat er in het eigen lichaam gebeurde. Veranderde je ademhaling? Spande je ergens aan? Wilde je dichterbij komen of juist achteruit? Verscheen er plots een gedachte? Daarna bespraken we wat we hadden waargenomen.

Zodra iemand begon uit te leggen waarom iets gebeurde, onderbrak Fientje.

“Dat weet je niet. Je maakt er al een verhaal van.”

Daar kon ik iets mee.

Later werkten we op de massagetafels. We leerden de eerste drukpunten, wisselden van plaats en probeerden het verschil te voelen tussen aanraken, druk geven en al beginnen zoeken naar een reactie. Fientje liep tussen ons door, corrigeerde onze handen en stuurde ons telkens terug naar wat er werkelijk gebeurde.

Tussen de oefeningen door kregen we de taal van CCBMS mee. Sommige begrippen vond ik bruikbaar. Andere gingen mij behoorlijk ver. Er waren ook affirmaties. Die moesten we thuis een aantal keren herhalen en de volgende dag hoefden we niet te vertellen of ze hadden “gewerkt”, maar wat we tijdens het uitspreken hadden opgemerkt.

Tijdens een van die gesprekken viel voor het eerst de naam Sacha.

Fientje had bij haar verschillende opleidingen gevolgd. Sacha wist volgens haar ontzettend veel en hoorde onmiddellijk wanneer iemand een waarneming begon te vullen met een eigen verklaring. Fientje wilde graag opnieuw bij haar studeren.

Dat kon nog niet.

Voor de training die ze bij Sacha wilde volgen, ontbrak haar nog één certificaat.

Daarna gingen we verder met de les.

Tijdens de koffiepauze haalde een vrouw een klein flesje etherische olie uit haar tas omdat iemand hoofdpijn had. Binnen enkele minuten rook de ruimte naar citrus. Iemand vroeg naar het merk. De vrouw vertelde dat ze de oliën al jaren gebruikte en een groep had waarin ze toepassingen en ervaringen deelde. Twee deelnemers kenden het merk al. Wie wilde, kon na de training even bij haar kijken naar een startersset.

Daarna lagen we opnieuw op de tafels.

De tweede dag begonnen we met het huiswerk. Sommigen hadden nauwelijks iets gemerkt. Anderen hadden van alles ervaren. Fientje luisterde, stelde vragen en stuurde ons terug wanneer we te snel een verklaring vonden. Vervolgens moesten we een beslissing nemen waarover we al een tijdje twijfelden. Niet onderzoeken welke keuze verstandig was, maar beide mogelijkheden afzonderlijk uitspreken en observeren wat er lichamelijk veranderde.

De groep werd opvallend stil.

Ik begon ondertussen beter te begrijpen waarom Fientje dit graag deed. Niet omdat ik alles aannam wat binnen CCBMS werd verteld. Dat deed ik niet. Maar Fientje was goed in het begeleiden. Ze zag wanneer iemand te snel concludeerde, hield mensen bij hun waarneming en kon een stilte laten bestaan zonder die onmiddellijk dicht te praten.

Aan het einde van de ochtend vertelde ze dat we sneller gingen dan ze had verwacht. Ze wilde daarom een oefening met ons doen die ze normaal later in de Foundation gebruikte.

“Jullie kunnen dit.”

Dat voelde, eerlijk gezegd, best goed.

Op de derde ochtend stond er cake naast de koffie. De etherische olie stond inmiddels gewoon op tafel. Iemand had een WhatsAppgroep gemaakt en voordat Fientje begon, werden ervaringen van de avond ervoor uitgewisseld. In drie halve dagen was een groep mensen die elkaar nauwelijks kende een kleine wereld geworden met eigen woorden, grapjes en verhalen.

We oefenden nog één keer in groepjes van drie. Eén persoon bracht iets in, één observeerde en één bewaakte dat er niet geïnterpreteerd werd. Daarna wisselden de rollen.

Aan het einde legde Fientje acht certificaten op tafel.

Ze riep onze namen één voor één.

Toen ik het mijne kreeg, moest ik lachen. Drie dagen eerder wist ik nauwelijks wat CCBMS betekende. Nu stond mijn naam onder het goudkleurige logo:

CCBMS — Body Moment Foundation Certificate.

“Goed bewaren,” zei Fientje.

“Waarom?”

“Omdat je het nodig hebt als je ooit verder wilt.”

Ik zei dat ik helemaal niet verder wilde.

Fientje lachte.

“Dat zei ik na mijn eerste ook.”

Meer gebeurde er niet. Iemand legde een inschrijfformulier voor een volgende opleiding voor mijn neus. We dronken nog koffie, maakten een groepsfoto met onze certificaten en gingen naar huis.

Mijn certificaat belandde ergens tussen mijn papieren.

Een paar weken later zag ik Fientje opnieuw op mijn scherm. Ze stond op een groepsfoto naast Sacha, dezelfde vrouw die op de foto in haar praktijk had gestaan. De deelnemers hielden allemaal een certificaat vast. Fientje droeg een nieuwe medaille.

Onder de foto stond:

Advanced Compulsive Collection Practitioner.

Iemand reageerde:

Greenwood next?

Fientje antwoordde:

I hope so.

Ik wist niet wie Greenwood was.

Mijn certificaat lag inmiddels ergens tussen mijn papieren. Fientje had het hare aan de muur gehangen en was alweer op een groepsfoto verschenen met Sacha.

Drie dagen eerder had ze gezegd dat haar nog één certificaat ontbrak.

Nu begreep ik alleen nog niet waarvoor.

Een paar dagen later zat er opnieuw een mail van CCBMS in mijn inbox.

De inschrijving voor de volgende Body Moment-training was geopend.

Omdat ik de Foundation had afgerond, kon ik deelnemen.

Onderaan stond nog één regel.

Wie samen met een vriendin inschreef, kreeg korting.

Ik sloot de mail.

Mijn certificaat bleef tussen mijn papieren liggen.

Over deze case

Punt Coma, CCBMS — het Compulsive Collection Body Moment System — en de personages Fientje, Sacha, Greenwood en alle andere personen en organisaties in deze case zijn fictief.

De situaties en mechanismen zijn geconstrueerd om herkenbare patronen in opleiding, verkoop en besluitvorming te onderzoeken. Eventuele overeenkomsten met bestaande personen, organisaties, methoden of opleidingen zijn niet bedoeld.

Waarom AX SEA dit onderzoekt

AX SEA onderzoekt niet of CCBMS een goede opleiding is of Fientje de juiste keuze maakte. CCBMS bestaat niet. Juist daardoor kunnen we iets anders onderzoeken: de omgeving waarin een beslissing ontstaat.

Tijdens drie trainingsdagen kwamen ervaring, groepsvorming, een eigen taal, certificering en nieuwe mogelijkheden samen. Geen daarvan hoeft op zichzelf bepalend te zijn. Pas wanneer we volgen wat er daarna gebeurt, verandert het beeld.

Voor mij was het certificaat het einde van drie dagen. Voor Fientje was een volgend certificaat nodig om verder te kunnen. En in mijn mailbox werd hetzelfde certificaat de voorwaarde voor een nieuwe uitnodiging — met korting wanneer ik iemand meenam.

De vraag is daarom niet alleen waarom iemand ja zegt.

Welke werkelijkheid kon u zien toen u besloot — en welke werd pas zichtbaar nadat u al had besloten?

AX SEA — Decision is where the eye rests.

Vorige
Vorige

NOW YOU CAN GO FURTHER.

Volgende
Volgende

“Something about your background and the work you're doing caught our attention.”