Investeren we in herstel of in onze voorstelling ervan?

Deel 3 van de reeks ‘Wat nieuw is, verschijnt vaak eerst als iets wat niet past’

Herstel begint niet bij wat we willen terugzien

Een aangeplante boom is zichtbaar.

Een herstelde bodem veel minder.

We kunnen tellen hoeveel bomen werden geplant, hoeveel hectare opnieuw werd ingericht en hoeveel soorten een gebied opnieuw bereikten. Zulke resultaten zijn belangrijk. Ze geven richting, maken investeringen controleerbaar en tonen dat er daadwerkelijk iets gebeurt.

Maar zichtbaarheid kan ook misleiden.

Een boom kan geplant zijn in een bodem die onvoldoende water vasthoudt. Een soort kan zijn teruggebracht in een gebied dat te klein of te geïsoleerd blijft. Een landschap kan opnieuw groen ogen terwijl de hydrologie, bodemstructuur en onderlinge verbindingen nog onvoldoende zijn hersteld om het geheel blijvend te dragen.

Dan hebben we geïnvesteerd in wat herstel zichtbaar maakt, maar nog niet noodzakelijk in wat herstel mogelijk maakt.

Dat verschil wordt belangrijker nu de omstandigheden waarin natuur moet herstellen zelf veranderen.

De aantrekkingskracht van het zichtbare resultaat

Investeringen vragen verantwoording. Overheden, bedrijven, fondsen en burgers willen kunnen zien wat met middelen is gebeurd. Een aangeplant bos, een nieuwe poel of een teruggebrachte soort levert een herkenbaar resultaat op. Het kan worden gefotografeerd, gemeten, geopend en gecommuniceerd.

De voorwaarden onder dat resultaat zijn moeilijker zichtbaar te maken.

Hoe tonen we de waarde van een bodem die na jaren opnieuw meer water en organisch materiaal kan vasthouden? Hoe berekenen we wat een verbinding tussen twee leefgebieden voorkomt? Hoe maken we zichtbaar dat een vallei water vertraagt voordat het woningen bereikt? En hoe waarderen we de ruimte en tijd die een ecosysteem nodig heeft om na verstoring zelf opnieuw samenhang te vormen?

Zolang die vermogens functioneren, lijken ze vanzelfsprekend.

Pas wanneer ze uitvallen, verschijnt hun waarde als kost.

Dat zagen we in het eerste deel van deze reeks. De ecologische werkelijkheid staat niet naast de economie; zij ligt eronder. Toch investeren we gemakkelijk in natuur alsof zij één van de vele maatschappelijke domeinen is waaraan middelen kunnen worden toegekend, en minder alsof zij de draagkracht vormt waarop landbouw, wonen, gezondheid, productie en infrastructuur rusten.

Daardoor kan herstel worden beoordeeld als een uitgave, terwijl het verlies van ecologische functies pas later verspreid terugkeert in andere begrotingen.

In waterbeheer. In gezondheidszorg. In verzekeringen. In landbouwsteun. In brandbestrijding. In infrastructuur en energie.

Wat ecologisch niet werd gedragen, moet economisch elders worden opgevangen.

De voorwaarden waaronder herstel kan blijven bestaan

De centrale investeringsvraag is daarom niet alleen welke natuur we willen terugbrengen.

We moeten eerst onderzoeken welke voorwaarden nodig zijn opdat die natuur zichzelf opnieuw kan dragen.

Dat kan betekenen dat water langer in een gebied moet blijven voordat nieuwe bomen worden geplant. Dat een bodem eerst rust, organisch materiaal en bodemleven nodig heeft. Dat afzonderlijke natuurgebieden opnieuw verbonden moeten worden. Dat ruimte nodig is voor soorten die opschuiven. Of dat brandrisico niet alleen via bestrijding, maar ook via landschapsinrichting, vegetatiestructuur en langdurig beheer moet worden verminderd.

Veel van dat werk levert niet onmiddellijk het beeld op dat wij met herstel associëren.

Soms moeten we eerst minder doen. Water opnieuw laten bewegen. Een bodem niet verder belasten. Processen tijd geven. Soms moeten we juist ingrijpend handelen en ruimte, gebruik of infrastructuur anders organiseren.

In beide gevallen vraagt het investering in draagkracht voordat er zichtbaar resultaat kan worden beloofd.

We investeren graag in het beeld van herstel. Maar herstel begint bij de voorwaarden die leven opnieuw mogelijk maken.

Wat noodzakelijk is, is niet altijd wat wij graag zien

Daar ontstaat een ongemakkelijke spanning tussen voorkeur en noodzaak.

Wij houden van herkenbare landschappen en soorten. Ze dragen herinnering, identiteit en schoonheid. Het is begrijpelijk dat we willen beschermen wat we kennen en terugbrengen wat verloren ging.

Maar een investering wordt niet toekomstbestendig omdat haar bedoeling waardevol is.

Wanneer bodem, water, temperatuur en leefgebied niet langer aansluiten bij het gewenste eindbeeld, kan een goedbedoeld herstelproject steeds opnieuw middelen vragen zonder zelfstandig draagvermogen op te bouwen. Dan financieren we de herhaling van onze intentie, terwijl de werkelijkheid blijft antwoorden dat de onderliggende voorwaarden niet kloppen.

Dat betekent niet dat economische doelmatigheid voortaan bepaalt welke natuur bescherming verdient. Sommige waarden kunnen niet tot direct rendement worden herleid. Zeldzame soorten, historische landschappen en ecologische relaties hebben bescherming nodig, juist wanneer ze economisch weinig zichtbaar zijn.

Maar ook bescherming moet eerlijk onderzoeken wat nodig is om die waarde werkelijk te behouden.

Niet: wat willen we graag zien groeien?

Maar: welke draagkracht moet eerst worden hersteld zodat er opnieuw iets kán groeien?

Van projectrendement naar systeemwaarde

De economische waarde van herstel ligt bovendien niet alleen binnen de grenzen van het projectgebied.

Een herstelde bodem beïnvloedt water, landbouw en koolstofopslag. Een verbonden landschap beïnvloedt soortenbeweging, bestuiving en genetische diversiteit. Bomen en wetlands beïnvloeden temperatuur, gezondheid, overstromingsrisico en leefkwaliteit. De opbrengst beweegt door verschillende systemen, organisaties en begrotingen.

Juist daardoor is zij moeilijk toe te wijzen.

Wie betaalt voor herstel wanneer de baten bij meerdere partijen terechtkomen? Wie investeert in het voorkomen van schade die misschien nooit zichtbaar zal worden? En hoe neemt een beslisser verantwoordelijkheid voor waarde die buiten de looptijd van een begroting, bestuursperiode of investeringscyclus ontstaat?

Hier wordt herstel een vraagstuk van besliskwaliteit.

Niet alleen omdat er geld verdeeld moet worden, maar omdat verschillende werkelijkheden samen aan tafel moeten komen: ecologische tijd, economische continuïteit, maatschappelijke belangen en de draagkracht van een plaats.

Wanneer één daarvan ontbreekt, kan een afzonderlijk logisch besluit samen een onhoudbare werkelijkheid vormen.

Een project kan financieel correct zijn en ecologisch te kort duren. Ecologisch wenselijk en ruimtelijk geïsoleerd. Maatschappelijk aantrekkelijk en onder veranderende klimaatomstandigheden niet levensvatbaar. Meetbaar succesvol, terwijl het herstelvermogen van het geheel nauwelijks is toegenomen.

De vraag is dus niet alleen wat een investering oplevert.

De vraag is welke werkelijkheid in de berekening werd opgenomen — en welke pas later als schade zal terugkeren.

Investeren vóór de rekening zichtbaar wordt

Werkelijk herstel vraagt dat we waarde leren herkennen voordat haar verlies een prijs krijgt.

Dat betekent investeren in bodem, water, verbinding, variatie en hersteltijd, ook wanneer die investering minder zichtbaar is dan het uiteindelijke landschap. Het betekent ruimte houden voor monitoring en correctie, omdat niet ieder effect vooraf volledig kan worden voorspeld. En het betekent durven stoppen of bijsturen wanneer de werkelijkheid laat zien dat een gewenst resultaat niet duurzaam kan landen.

Dat is geen zwakte in een plan.

Het is het vermogen van een investering om te leren.

Misschien moeten we natuurherstel daarom niet alleen beoordelen op wat na afloop aanwezig is. We moeten ook kijken naar wat opnieuw kan blijven bewegen, reageren en regenereren zonder voortdurend door externe middelen overeind te worden gehouden.

Herstel is niet voltooid wanneer het gewenste beeld zichtbaar is.

Herstel begint duurzaam te worden wanneer het landschap opnieuw vermogen draagt.

Daarom is de economische vraag niet hoeveel we bereid zijn aan natuur uit te geven.

De werkelijke vraag is:

Investeren we in wat zichtbaar hersteld lijkt, of in wat noodzakelijk is om herstel blijvend mogelijk te maken?

Waarom dit voor AX SEA belangrijk is

Ook organisaties investeren gemakkelijk in zichtbare oplossingen: een nieuw programma, een extra functie, een systeem, opleiding of verandertraject. Maar wanneer de onderliggende routes van informatie, verantwoordelijkheid en correctie niet worden hersteld, blijft het resultaat afhankelijk van mensen die de gaten informeel opvangen.

AX SEA onderzoekt daarom niet alleen wat een investering belooft, maar ook de werkelijkheid waarin zij moet landen. Welke draagkracht is aanwezig? Welke signalen bereiken de besluitvorming niet? En wat moet eerst opnieuw mogelijk worden voordat een nieuwe oplossing werkelijk kan werken?

Een goede beslissing financiert niet alleen haar intentie.

Zij investeert in de voorwaarden waaronder die intentie werkelijkheid kan worden.

Volgend deel: Welk menselijk vermogen vraagt een veranderende ecologie?

AX SEA — Niet meer data. Een betere werkelijkheid.

Bronnen voor verdere verdieping

Vorige
Vorige

Welk menselijk vermogen vraagt een veranderende ecologie?

Volgende
Volgende

Natuurherstel naar welke natuur?